Schroom

“In de tweede helft hebben we de schroom afgeworpen en zijn we vanuit onze eigen kracht gaan voetballen”. Wijze woorden achteraf gesproken door onze nationale bondscoach Bert van Marwijk. Euforie maakt zich van mij meester. Ik zit in de lounge in de nazit van een presentatie aan de RvC en RvB van De Friesland Zorgverzekeraar. Het zijn waarlijk tropische temperaturen op landgoed Lauswolt in Beesterzwaag. De eerste helft heb ik gemist en dus ook de complete deconfiture die het Nederlands elftal ten deel viel.

Om toch enigszins uit eerste hand te vernemen hoe het ‘echt’ was, bel ik mijn vrouw die met haar vader in het verpleeghuis kijkt, en geen verstand heeft van voetballen. Maar wel kan observeren. “Ze spelen heus niet heel slecht”, zegt ze, en “ik zie ze vaak op de helft van Brazilië”. De eerste flitsen in de rust doen het omgekeerde vermoeden, dus ik leg me neer bij een voldongen feit. Een paar minuten na het begin van de tweede helft voegt de hele RvC en RvB zich bij ons in de lounge en gaan we een historische driekwartier beleven. “Waar was jij toen Nederland Brazilië versloeg?” kan ik nu beantwoorden met ‘Lauswolt’. Daar werd Brazilië verslagen.

De uitspraak “Wij hebben de tweede helft de schroom van ons afgeworpen” heb ik die avond wel 10 keer gehoord. Op weg naar huis, 163 kilometer lang, was het rustig. Onderweg overpeins ik de analyse van mijn vrouw. Was het nu waar of niet waar? Dit deed mij denken aan een fragment van Bomans, dat ik u niet zal onthouden… een sterk verhaal:

Thuis wacht mijn vrouw met het eten. Gehaktballen want daar houd ik zo van! Daarna volgt een lange zomeravond met heel veel voetbalkenners. Ach , kenners … Schroom niet, speel om te winnen. Het fijne van het verleden is, dat het alweer voorbij is. Misschien heeft van Marwijk dat wel gezegd in de rust. Wij gaan vol optimisme de tweede helft van het jaar in.